Vertel ik het mijn achterban? En ja, hoe? En dan?
Over de schakeringen van afwijzing tot acceptatie; ervaringen opgetekend door Louise Wolff
Een thema dat geen verdere inleiding behoeft, daarom een woord vooraf.
We nemen de draad weer op van onze serie over het masters-onderzoek van Louise Wolff uit 2024.
In onderstaand artikel vat zij samen wat er over dit thema toen in haar scriptie is gepubliceerd.
Eerder dit jaar werd in samenwerking met Pluk de Liefde een vervolgonderzoek uitgevoerd door studenten van de VU, waaraan vorige maand aandacht is besteed.
Deel 5 – Praten over polyamorie en steun vinden in je omgeving
In dit gedeelte wordt ingegaan op de ervaringen van mensen met het praten over polyamorie met de (monogame) buitenwereld en het vinden van steun bij gelijkgestemden.
Praten met je omgeving
Voor veel respondenten is het hebben van meerdere liefdesrelaties een vanzelfsprekend onderdeel van hun dagelijks leven. Alleen: omdat een exclusieve relatie tussen twee mensen de maatschappelijke norm is, voelt het alsof zij steeds opnieuw moeten vertellen waarom hun relaties er ‘anders’ uitzien.
Wat veel naar voren kwam, is dat zij vaak dezelfde reacties kregen van monogame mensen: men stelt soms vele (ook ongewenste) vragen, of zegt al snel: “Dat zou echt niets voor mij zijn”. Die laatste reactie werd interessant gevonden want: niemand vroeg aan hen immers of zij polyamoreus wilden zijn. Zo vertelde Kiki (27):
“Op het moment dat ik mijn relatie noem, beginnen mensen hun eigen relatievorm te verdedigen. ‘Oh, maar ik vind het belangrijk dat mijn partner niet…’ Oké, [waarom zeg je dat?] dat heb ik niet gevraagd.”
Volgens Kiki was hierin te zien hoe mensen polyamoreuze relaties vaak projecteerden op hun eigen relatie, alsof het automatisch om een vergelijking ging. Het leek allerlei gevoelens op te roepen bij hun monogame gesprekspartners. Mai (42) had daar een verklaring voor:
“Volgens mij roept dit onderwerp existentiële angsten op. Hechtingspijn. Allerlei dingen eigenlijk… Het is een heel zwaar onderwerp, zowel op een positieve als negatieve manier.”
Haar uitspraak laat zien hoe zij ervaart dat mensen het gevoel krijgen dat hun eigen normen en waarden ter discussie worden gesteld op het moment dat zij vertelt over haar polyamoreuze relaties.

Reacties op ‘coming out’
Het vertellen dat je meerdere relaties hebt, werd door verschillende mensen heel verschillend ervaren. Sommigen vertelden dat familie en vrienden hier niet altijd positief op reageerden. Kiki (27) deelde bijvoorbeeld een negatieve ervaring:
“Familie van mijn partner vond het heel moeilijk. Een zus zei zelfs: ‘Zolang Kiki ook met anderen is, zal ik jullie relatie niet accepteren.'”
Dat de zus van een van haar partners dit zo benoemde, laat zien dat zij polyamorie afkeurde. Irene (37) had een vergelijkbare ervaring met een vriendin die afstand van haar nam:
“Ik had een vriendin van wie de man was vreemdgegaan. Hij had een affaire gehad en daar lange tijd over gelogen. Dat had haar ontzettend gekwetst. Uiteindelijk kwam mijn situatie ter sprake. Zo is het voor mij ook gegaan. (…) Zij zal het nooit begrijpen… Je wordt meteen in dat hokje geplaatst. Dan ben je ook een vreemdganger.”
Dit laat zien hoe zij ervaarde dat haar vriendin polyamorie en vreemdgaan in hetzelfde hokje plaatste, waardoor zij verder van elkaar verwijderd raakten.
Gelukkig hadden de meeste respondenten ook positieve ervaringen met het bespreken van hun relaties met mensen in hun omgeving. Railey (24) vertelde bijvoorbeeld polyamorie voor haar een “soepelere journey” was, omdat zij naar eigen zeggen een “heel accepterende omgeving” heeft:
“Dat mijn familie er ook open in staat: ik denk dat ik daarin wel een beetje een geluksvogel ben. En ik kan me ook voorstellen dat het heel lastig is als je een familie hebt die het heel moeilijk vindt (…) waar het gewoon totaal niet oké is om meerdere mensen te daten.”
Haar verhaal laat zien hoeveel verschil een ondersteunende omgeving kan maken. Waar sommige respondenten veel uitleg moesten geven of te maken kregen met afwijzing, voelden anderen zich juist gesteund door vrienden en familie die openstonden voor verschillende relatievormen.

Als je je relaties steeds moet verdedigen
Railey vertelde dat ze echt in een ‘polyamoriebubbel’ zit. Een groot deel van de respondenten vertelde in de interviews echter dat zij maar weinig mensen in hun directe omgeving hebben die ervaring hebben met non-mogamie. Zij gaven aan dat zij hun relatievorm regelmatig moesten verdedigen. Nica (27), die op het moment van het interview geen relaties had, vertelde bijvoorbeeld hoe vrienden zijn polyamoreuze relatievorm vroeger interpreteerden:
“Mijn vrienden hebben me [toen] nog wel eens beticht van bindingsangst. Vooral in de periode dat ik actief polyamoureus was. Dat moest ik altijd wegwuiven.”
Wanneer respondenten steeds bezig waren hun relatievorm uit te leggen of te verdedigen, bleef er weinig ruimte over voor emotionele steun wanneer zij met relatieproblemen worstelden. Dat word bijvoorbeeld zichtbaar in het verhaal van Mai (42), die vertelde wat er gebeurde toen een van haar partners een moeilijke periode doormaakte:
“Mijn man is niet iemand die snel deelt dat hij het moeilijk heeft. Daarom belde ik zijn zus op en zei ik dat hij het op dit moment zwaar had en dat ze hem misschien wat extra steun kon geven, omdat hij daar zelf niet snel om zou vragen. En toen zei ze: ‘Oh (…) zie je nu dat polyamorie uiteindelijk toch niet werkt?'”
Mai ervaarde dat er, in plaats van aandacht voor de moeilijke situatie van haar partner, vooral werd gewezen naar polyamorie als oorzaak van het probleem. Daardoor kreeg zij niet de steun waar zij eigenlijk naar op zoek was.

Vallen en opstaan, zelftwijfel en zoeken naar verbinding
Door het gebrek aan steun en beperkte informatie over polyamorie hadden veel respondenten het gevoel dat ze hun relaties zelf moeten uitvinden. Daan (25) beschreef dat als volgt:
“Je moet het zelf uitzoeken, en daar zitten risico’s aan. Als er nog niet echt goede voorbeelden zijn, vraag je je af: is dit wel de juiste weg?”
Een gebrek aan voorbeelden en steun ervoor kan er zo voor zorgen dat polyamoreuze mensen zich alleen voelen in het vormgeven van hun relaties. Respondenten die vaak hun relatievorm moesten verdedigen en weinig steun ervaarden, vertelden namelijk dat dit soms leidde tot onzekerheid; vooral tijdens moeilijke periodes in hun relaties. Zo zei Caroline (41):
“Omdat mijn partner soms heel jaloers kan worden, zegt hij ineens: ‘Ik weet niet of ik polyamorie wel kan.’ Dan denk ik: als jij het al niet kan, wie dan wel? En dan voelt het alsof ik niet kan leven zoals ik wil, omdat ik blijkbaar andere mensen veel pijn doe.”
Wanneer haar partner twijfels uit over polyamorie, begint Caroline soms ook zelf te twijfelen. Ze vertelde:
“Wat is er mis met mij dat ik niet gewoon een monogame relatie kan hebben? Soms zijn er momenten waarop ik ineens twijfel, van… kan dit eigenlijk wel werken? Dat monogame denken zit zo diep in veel mensen, inclusief mijzelf. Dat hoor je eigenlijk ook terug in wat ik net zei, dat ik begin te twijfelen.”
Haar verhaal laat zien hoe sterk monogame ideeën in de samenleving en directe omgeving mensen in polyamoreuze relaties aan zichzelf kunnen laten twijfelen. Na verloop van tijd trokken veel respondenten dan ook meer naar mensen toe die hun relatievorm begrepen en/of zelf ervaring hadden met non-monogamie. Annelot (45) vertelde bijvoorbeeld:
“Ik heb die vrienden eigenlijk allemaal later leren kennen, toen we al zo leefden [polyamoreus]. Vanaf het begin zijn ze met ons meegegaan en meegegroeid, zonder oordeel. En ik heb hier ook nog vrienden van vroeger, een hele leuke groep die ik nog vaak zie. Maar ik merk wel dat er langzaam wat meer afstand ontstaat.”
In omgevingen waarvan zij verwachtten dat er minder begrip zou zijn, bleven velen, zo vertelden ze, voorzichtig met het delen van hun polyamoreuze relaties. Olivia (34) heeft bijvoorbeeld een relatie met een man die samen met zijn ex-partner een dochter heeft. Omdat zij verwikkeld zijn in gesprekken over de zorg voor hun dochter, kiezen zij ervoor om hun polyamoreuze relatie niet met haar of haar moeder te bespreken:
“Als zij het aan haar moeder vertelt en het komt terecht in een rechtszaak over de co-ouderschapsregeling, en het komt bij de verkeerde rechter terecht, dan kan dat heel onveilig zijn. Dat risico gaan we niet nemen.”
De verhalen bij elkaar laten zien dat openheid over polyamorie niet voor iedereen in elke context vanzelfsprekend of veilig voelt, maar dat mensen in je omgeving die je relatie vormen begrijpen wel als belangrijk worden ervaren. Respondenten vertelden dat zij daarom vaak bewust afwegen met wie zij wel en niet over hun relaties praten en dichter groeien naar gelijkgestemden mensen.


Geef een reactie